Skip to main content

第1・2・3節

TEXTS 1-3

テキスト

Tekst

シュリ-バガワン ウワチャ
アバヤマ サトオワ-サマシュデエr
ジャナナ-ヨガ-ヰヤワストイテエハ
ダナマ ダマsh チャ ヤジャナsh チャ
スワダヤヤs タパ アrジャワン
śrī-bhagavān uvāca
abhayaṁ sattva-saṁśuddhir
jñāna-yoga-vyavasthitiḥ
dānaṁ damaś ca yajñaś ca
svādhyāyas tapa ārjavam
アヒマサ サタヤン アカロダs
タヤガハ シャンテエr アパイシュナン
ダヤ ブテシュw アロルプトオワマ
マrダワマ hリr アチャパラン
ahiṁsā satyam akrodhas
tyāgaḥ śāntir apaiśunam
dayā bhūteṣv aloluptvaṁ
mārdavaṁ hrīr acāpalam
テジャハ クシャマ ダrテエハ シャウチャン
アドロホ ナテエ-マニタ
バワンテエ サンパダマ ダイヰン
アビジャタシャヤ バラタ
tejaḥ kṣamā dhṛtiḥ śaucam
adroho nāti-mānitā
bhavanti sampadaṁ daivīm
abhijātasya bhārata

Synonyms

Synoniemen

śrī-bhagavān uvāca — バガヴァーンは言ったabhayam — 無恐怖; sattva-saḿśuddhiḥ — 自らの存在を浄化することjñāna — 知識で; yoga— 結び付ける; vyavasthitiḥ — 立場; dānam — 布施; damaḥ — 心を支配すること; ca —そして; yajñaḥ — 供犠; ca — そして; svādhyāyaḥ — ヴェーダ文典を学ぶこと; tapaḥ — 苦行; ārjavam —質素であること;ahiḿsā — 非暴力; satyam — 誠実さ; akrodhaḥ — 怒らないこと; tyāgaḥ — 放棄; śāntiḥ — 平静; apaiśunam — 他人の欠点をとがめること; dayā — 慈悲; bhūteṣu — 全ての生命体に対して; aloluptvam — 貪欲でないこと; mārdavam — 温和; hrīḥ — 謙虚さ; acāpalam —決意; tejaḥ — 活発さ; kṣamā— 寛容; dhṛtiḥ — 不屈の精神; śaucam — 清潔さ;adrohaḥ — 妬みのないこと; na —~でない; ati-mānitā — 名誉欲; bhavanti — ~である; sampadam — 質; daivīm — 超越的な性質; abhijātasya — ~から生まれた人の; bhārata — バーラタの息子よ

śrī-bhagavān uvāca — De Allerhoogste Persoonlijkheid Gods zei; abhayam — onbevreesdheid; sattva-saṁśuddhiḥ — het zuiveren van je bestaan; jñāna — met kennis; yoga — verbinden; vyavasthitiḥ — de situatie; dānam — vrijgevigheid; damaḥ — beheersing van de geest; ca — en; yajñaḥ — het brengen van offers; ca — en; svādhyāyaḥ — het bestuderen van de Vedische literatuur; tapaḥ — het beoefenen van ascese; ārjavam — eenvoud; ahiṁsā — geweldloosheid; satyam — waarheidlievendheid; akrodhaḥ — vrij zijn van woede; tyāgaḥ — onthechting; śāntiḥ — kalmte; apaiśunam — afkeer van onnodig kritiseren; dayā — mededogen; bhū-teṣu — voor alle levende wezens; aloluptvam — afwezigheid van hebzucht; mārdavam — vriendelijkheid; hrīḥ — bescheidenheid; acāpalam — vastberadenheid; tejaḥ — vitaliteit; kṣamā — vergevensgezindheid; dhṛtiḥ — standvastigheid; śaucam — reinheid; adrohaḥ — vrij zijn vanvijandigheid; na — niet; ati-mānitā — eerzucht; bhavanti — zijn; sampadam — de eigenschappen; daivīm — de transcendentale aard; abhijātasya — van iemand die is geboren met; bhārata — o afstammeling van Bharata.

Translation

Vertaling

バガヴァーンは語られた。――無恐怖、自らの存在を浄化すること、精神的知識の養成、布施、自己抑制、供儀、ヴェーダ学習、謹厳生活、質素であること、非暴力、誠実さ、怒らぬこと、離欲、平静、他人を咎めだてぬこと、生き物全てに哀れみの情を持つこと、羨望せぬこと、温和であること、謙虚さ、揺るがぬ決意を持つこと、活発さ、寛容、不屈の精神、清潔さ、嫉妬や名誉心がないこと、このような超越的な性質は神聖な質を持つ神聖な人々のものである。

De Allerhoogste Persoonlijkheid Gods zei: Onbevreesdheid; het zuiveren van je bestaan; het cultiveren van spirituele kennis; vrijgevigheid; zelfbeheersing; het brengen van offers; het bestuderen van de Veda’s; het beoefenen van ascese; eenvoud; geweldloosheid; waarheidlievendheid; vrij zijn van woede; onthechting; kalmte; afkeer van onnodig kritiseren; mededogen voor alle levende wezens; vrij zijn van hebzucht; vriendelijkheid; bescheidenheid; vastberadenheid; vitaliteit; vergevensgezindheid; standvastigheid; reinheid en vrij zijn van vijandigheid en eerzucht — deze transcendentale eigenschappen, o afstammeling van Bharata, treft men aan bij goddelijke mensen die begiftigd zijn met een spirituele aard.

Purport

Betekenisverklaring

第15章の最初の部分では、この物質界のバニヤン樹について説明があった。その気の根は生命体の活動に例えられ、その中には吉兆なものも不吉なものもある。また第9章ではデーヴァすなわち神聖な者とアスラすなわち悪魔について説明されていた。ヴェーダ儀式によれば、徳の様式の活動は解放への道を進む上で有利であり、そのような活動はダイヴァ・プラクリティすなわち本質的に超越的であるとされている。これら超越的な性質を持つ人々は解放の道を向上していく。一方、激情と無知の様式の支配下で活動している人々は解放を達成する可能性はない。そのような人々はいつまでも人間としてこの物質界に留まるか、もしくは動物やその他のより低い生命形態をとってここに留まらなければならない。この第16章において、主は超越的な資質とそれに付随する諸性質、そして悪魔的資質とその諸性質について、またそれらの諸性質の長所短所についても説明して下さる。

In het begin van het vijftiende hoofdstuk werd uitleg gegeven over de banyan-boom van de materiële wereld. De extra wortels die eruit tevoorschijn komen, werden vergeleken met de activiteiten vande levende wezens, waarvan sommige gunstig zijn en sommige ongunstig. In het negende hoofdstuk werden de deva’s of goddelijke personen, en de asura’s, de goddeloze personen of demonen, gekarakteriseerd. Activiteiten in de hoedanigheid goedheid, die volgens de Vedische riten worden verricht, worden gezien als gunstig om vooruitgang te maken op het pad van bevrijding en zulke activiteiten staan bekend als daivī prakṛti, transcendentaal van aard. Zij die zich in de transcendentale natuur bevinden, maken vooruitgang op het pad van bevrijding. Aan de andere kant bestaat er geen kans op bevrijding voor hen die in de hoedanigheden hartstocht en onwetendheid handelen. Ze zullen of als menselijke wezens in de materiële wereld moeten blijven of ze zullen afdalen naar dierlijke soorten of zelfs lagere levensvormen. In dit zestiende hoofdstuk geeft de Heer uitleg over zowel de transcendentale natuur en de daarmee samengaande eigenschappen als de demonische natuur en haar eigenschappen. Ook legt Hij de voor- en nadelen van deze eigenschappen uit.

超越的な性質すなわち神聖な性向を持って生まれた人を意味するアピジャータスヤという語は大きな意味を持つ。神聖な環境で子供をもうけることはヴェーダ文典ではガルバーダーナーサンスカーラと呼ばれていて、神聖な性質の子をもうけようと思う両親は人間の社会生活のために設定されたこの10の原則に従うことが必要である。『バガヴァッド・ギーター』で私たちが学んだように、そのような子をもうけるために行う性生活はクリシュナ自身である。つまりクリシュナ意識のもとでの性生活は禁止する必要がないのである。クリシュナ意識の人ならば、少なくとも、子供を犬猫同様にもうけるべきではない。そのようにクリシュナ意識に没頭している父母に生まれる子供は非常に恵まれている。

Het woord ‘abhijātasya’ is zeer belangrijk en heeft betrekking op iemand die geboren is met transcendentale eigenschappen of goddelijke neigingen. Het verwekken van een kind in een goddelijke sfeer wordt in de Vedische teksten garbhādhāna-saṁskāra genoemd. Wanneer ouders een kind willen hebben met goddelijke eigenschappen, moeten ze de tien zuiverende processen volgen die voor het sociale leven van het menselijk wezen worden aangeraden. Eerder in de Bhagavad-gītā hebben we al gezien dat seksualiteit om een goed kind te krijgen Kṛṣṇa Zelf is. Seksualiteit wordt niet veroordeeld, op voorwaarde dat ze gebruikt wordt in Kṛṣṇa-bewustzijn. Op zijn minst zouden Kṛṣṇa-bewuste personen niet zoals honden en katten kinderen moeten krijgen; ze zouden echter op zo’n manier kinderen moeten krijgen, dat die kinderen na hun geboorte Kṛṣṇa-bewust kunnen worden. Dat is het voordeel dat kinderen van volledig Kṛṣṇa-bewuste ouders zouden moeten krijgen.

社会生活を社会生活上の4区分と職業生活上の4区分すなわちカーストに分類する社会制度であるヴァルナーシュラマ・ダルマは、人間社会を家柄によって差別するのではなく、教育条件や資質によって区別するものであり、この制度により人間社会の平和と繁栄を保つことができるのであるここで述べられている性質とは物質界からの解放を得るための精神的理解を助けるための超越的性質のことである。

Het sociale stelsel dat bekendstaat als varṇāśrama-dharma — het stelsel waardoor de samenleving wordt onderverdeeld in vier categorieën van sociaal leven en vier van voorgeschreven bezigheden of kasten —heeft niet de bedoeling de menselijke samenleving onder te verdelen opbasis van geboorte. De onderverdelingen worden gemaakt op basis van kwalificaties op het vlak van onderwijs en zijn ervoor bedoeld om in desamenleving vrede en voorspoed te handhaven. De kwaliteiten die in ditvers worden genoemd, worden beschouwd als transcendentale kwaliteiten, die ervoor bedoeld zijn om iemand vooruitgang te laten maken in spiritueel inzicht, zodat hij uit de materiële wereld kan worden bevrijd.

ヴァルナーシュラマ制度においては、サンニャーシーすなわち放棄階級にある人全ての社会的地位や階級にいる人々の上に位置し、彼らのグルであるとされている。ブラーフマナは社会上の他の3区分すなわちクシャトリヤ、ヴァイシャ、シュードラに属する人々のグルであるが、社会制度の最上位にあるサンニャーシーはブラーフマナのグルでもあるとされている。サンニャーシーとしての第1の資格は恐れないことである。なぜならサンニャーシーは何の援助もなく扶養してくれる人も持たず、常に独りでいなければならないので、バガヴァーンの慈悲にのみ依存しなければならないからである。「全ての人間関係を捨ててしまえば、誰かが私を保護してくれるだろう」と考えるようなら放棄階級を受け入れるべきではない。クリシュナすなわちパラマートマーとして知られているバガヴァーンの局所的様相が常に私たちの内にいらっしゃり、全てを御覧になっていて、そして私たちの望みを全て常に知っていらっしゃるので、パラマートマーとしてのクリシュナが服従した魂を維持して下さると固く確信していなければならない。「私はひとりになることは決してない。森の深く暗いところにいたとしてもクリシュナがともにいて守って下さる」と私たちは思うべきなのである。この固い信念が無恐怖(アバヤン)であり、この心理状態は放棄階級の人にとって必要不可欠である。

In het varṇāśrama-stelsel wordt de sannyāsī, degene die zich in de onthechte levensorde bevindt, als het hoofd of als de spiritueel leraar van alle andere sociale posities en orden gezien. Een brāhmaṇa wordt gezien als de spiritueel leraar van de drie andere groepen binnen de maatschappij: de kṣatriya’s, de vaiśya’s en de śūdra’s. Maar een sannyāsī, die aan het hoofd van het stelsel staat, wordt ook gezien als de spiritueel leraar van de brāhmaṇa’s.

De eerste kwalificatie van een sannyāsī is dat hij onbevreesd moet zijn. Omdat een sannyāsī op zichzelf leeft, zonder enige ondersteuning of zekerheid, moet hij simpelweg vertrouwen op de genade van de Allerhoogste Persoonlijkheid Gods. Als hij denkt: ‘Wie zal me beschermen nadat ik mijn relaties achter me heb gelaten?’, moet hij niet de onthechte levensorde aanvaarden. Men moet er volledig van overtuigd zijn dat Kṛṣṇa of de Allerhoogste Persoonlijkheid Gods in Zijn gelokaliseerde aspect als Paramātmā altijd in het hart aanwezig is, dat Hij alles ziet en dat Hij altijd weet wat iemand van plan is. Op die manier moet men het vaste vertrouwen hebben dat Kṛṣṇa als de Paramātmā voor een ziel zal zorgen die zich aan Hem heeft overgegeven. ‘Ik zal niet alleen zijn’, en ‘Zelfs al leef ik in het donkerste gedeelte van het woud, Kṛṣṇa zal me vergezellen en Hij zal me beschermen’. dit zijn de gedachten die men zou moeten hebben. Zo’n overtuiging wordt abhayam benoemd, onbevreesdheid. Zo’n mentaliteit is noodzakelijk voor een persoon in de onthechte levensorde.

次に、自分を浄化することが必要である。放棄階級には遵守すべき規定原則が数多く存在する。最も重要なことは、サンニャーシーが女性とはいかなる親密な関係を持つことも厳格に禁じられていることである。他の人がいない場所では、女性と言葉を交わすことさえ禁じられているのである。理想的サンニャーシーでいらっしゃった主チャイタンニャがプーリーに滞在していらっしゃったとき、女性の献身者は尊敬の礼を捧げるために近づくことさえできなかった。遠くの方から礼を捧げることが女性献身者には奨励されていたのだった。これは女性蔑視ではなく、サンニャーシーが女性と親しむべきではないという厳格な戒律を主は遵守されたからであった。浄化のためには社会的地位に応じて規定された原則に従うことが必要とされる。サンニャーシーにとっては、女性と親交すること及び感覚満足の富を所有することは厳禁されている。模範的サンニャーシーでいらした主チャイタンニャの生涯をみれば、主がいかに女性に関して厳格でいらっしゃったか理解することができる。主は最も堕落した者たちを受け入れられ、バガヴァーンの最も寛大な化身でいらっしゃるのだが女性に関してはサンニャース階級の規定原則に厳格に従われた。主の献身者のひとりであるチョータ・ハリダースは他の親密な献身者とともに主チャイタンニャと交際していたのだが、どういうわけか若い女性を欲望の目差しで見つめてしまった。すると主チャイタンニャは非常に厳格でいらっしゃったのでチョータ・ハリダースを交際者の中から追放されたのだった。「サンニャーシーや物質界の鎖から脱出して精神界に昇りバガヴァーンのみもとに帰ろうと願う人にとって、物や女性を実際に楽しまなくても、ただ欲の目で見るだけでも重大な誤ちである。そのような者はそんな不法を犯す前に自殺した方がまだよい」と主チャイタンニャは言われた。これがそのための心身浄化としてなすべきことである。

Vervolgens moet hij zijn bestaan zuiveren. Er zijn zoveel regels en bepalingen die in de onthechte levensorde gevolgd moeten worden. De belangrijkste van allemaal is dat het voor een sannyāsī strikt verboden is om intieme omgang te hebben met een vrouw. Het is voor hem zelfs verboden om in afzondering met een vrouw te spreken. Heer Caitanya was een ideale sannyāsī en toen Hij in Purī was, konden Zijn vrouwelijke toegewijden niet dichtbij Hem komen om hun eerbetuigingen aan Hem te brengen. Hen werd aangeraden om van een afstand neer te buigen. Dit is geen teken van haat tegenover vrouwen als groep, maar het is een beperking die aan de sannyāsī wordt opgelegd dat hij geen innige relaties met vrouwen mag hebben.

Men moet de regels en bepalingen van een bepaalde positie in het leven volgen om zijn leven te zuiveren. Voor een sannyāsī zijn intieme relaties met vrouwen en het bezit van rijkdom voor zinsbevrediging strikt verboden. Heer Caitanya was Zelf de ideale sannyāsī en we kunnen zien dat Hij in Zijn leven heel strikt was wat betreft vrouwen. Hoewel Hij als de meest vrijgevige incarnatie wordt beschouwd en de meest gevallen geconditioneerde zielen aanvaardt, volgde Hij de regels en bepalingen van de levensorde van sannyāsa wat betreft de omgang met vrouwen strikt op. Een van Zijn persoonlijke metgezellen, Choṭa Haridāsa, bevond zich in het gezelschap van Heer Caitanya samen met Zijn andere vertrouwelijke persoonlijke metgezellen, maar om de een of andere reden keek deze Choṭa Haridāsa met een blik vol lust naar een jonge vrouw en Heer Caitanya was zo strikt, dat Hij hem onmiddellijk uit het gezelschap van Zijn persoonlijke metgezellen bande. Heer Caitanya zei: ‘Voor een sannyāsī of voor iedereen die ernaar streeft om uit de greep van de materiële natuur te komen en zichzelf probeert te verheffen tot de spirituele werelden terug te gaan naar huis, terug naar God, is het kijken naar materiële bezittingen en vrouwen voor zinsbevrediging — niet eens van hen genieten, maar alleen al naar hen kijken met zo’n mentaliteit — zo verwerpelijk, dat hij er beter aan zou doen zelfmoord te plegen voordat hij aan zulke ongeoorloofde verlangens toegeeft.’ Dit zijn de methoden om het bestaan te zuiveren.

次の項目はギャーナ・ヨーガ・ヴャヴァスティティすなわち常に知識を素養することである。サンニャーシーの生活は、世帯者やその他に精神的向上のための真の生活を忘れている人々に知識を施すためにある。サンニャーシーは自らの食を一軒一軒乞い歩くことになっているが、これはサンニャーシーが乞食であるという意味ではない。超越的な人が持つべき資格のひとつが謙虚さであり、サンニャーシーが一軒一軒謙虚に訪ねるのは食物を乞うためばかりではなく、正確には世帯者に会い彼等のクリシュナ意識を目覚めされるためのものである。これがサンニャーシーの義務なのである。実際には精神的に高い段階にいて、グルからの命令を受けているならば、クリシュナ意識を論理と理解を持って説教しなければならない。また精神的にさほど高い段階にいない人は放棄階級を受け入れるべきではないが、もし十分な知識を持たずに放棄階級受け入れたのなら正統なグルから十分に聴聞して知識を培わなければならない。サンニャーシーすなわち放棄階級にある人は必ず無恐怖、サットワシュッディ(純粋性)、ギャーナ・ヨーガ(知識)の段階にいなければならないのである。

Het volgende onderdeel is jñāna-yoga-vyavasthiti: het cultiveren van kennis. Het leven van een sannyāsī is bedoeld om kennis te verspreiden aan getrouwde personen en aan anderen die vergeten zijn dat hun leven in werkelijkheid bedoeld is om spirituele vooruitgang te maken. Een sannyāsī hoort van deur tot deur te gaan om te bedelen voor zijn levensonderhoud, maar dat betekent niet dat hij een bedelaar is. Nederigheid is ook een van de kwalificaties van een persoon die zich op het transcendentale niveau bevindt en uit zuivere nederigheid gaat de sannyāsī van deur tot deur; niet echt om te bedelen, maar om getrouwde personen te bezoeken en Kṛṣṇa-bewustzijn bij hen op te wekken. Dat is de plicht van de sannyāsī. Als hij werkelijk ver gevorderd is en daarvoor de opdracht van zijn spiritueel leraar heeft gekregen, moet hij met logica en inzicht het Kṛṣṇa-bewustzijn prediken; als hij echter niet zo gevorderd is, moet hij de onthechte levensorde niet aanvaarden. En ook al heeft hij de onthechte levensorde zonder voldoende kennis aanvaard, dan moet hij zich serieus toeleggen op het luisteren naar een bonafide spiritueel leraar om kennis te cultiveren. Een sannyāsī of iemand in de onthechte levensorde moet vaststaan in onbevreesdheid, zuiverheid (sattva-saṁśuddhi) en kennis (jñāna-yoga).

次の項目は布施であり、これは世帯者に要求されるものである。世帯者は道義に適した手段で生計を立て、その収入の半分をクリシュナ意識を広めるために費やすべきである。この目的に沿う団体に世帯者は布施すべきである。誰にするかが問題となる。後で説明するように、徳の様式、激情の様式、無知の様式の布施がある。教典では徳の様式の布施が奨励されているが、無知、激情の様式のものは勧められていない。なぜならそれらは金銭の浪費にすぎないからである。あくまで布施はクリシュナ意識を世界中に広めるためのものでなければならない。それが徳の様式の布施である。

Het volgende onderdeel is vrijgevigheid. Vrijgevigheid is bedoeld voor getrouwde personen. Zij moeten op een eerlijke manier in hun levensonderhoud voorzien en vijftig procent van hun inkomen gebruiken om het Kṛṣṇa-bewustzijn over de hele wereld te verspreiden; op die manier moet een getrouwd persoon vrijgevig zijn tegenover gemeenschappen die daarmee bezig zijn. Men moet vrijgevig zijn tegenover de juiste ontvanger. Zoals later uitgelegd zal worden, zijn er verschillende soorten vrijgevigheid: vrijgevigheid in de hoedanigheden goedheid, hartstocht en onwetendheid. In de heilige teksten wordt vrijgevigheid in de hoedanigheid goedheid aangeraden, terwijl vrijgevigheid in de hoedanigheden hartstocht en onwetendheid niet worden aangeraden, omdat dat gewoon geldverspilling is. Men moet alleen vrijgevig zijn om het Kṛṣṇa-bewustzijn over de hele wereld te verspreiden. Dat is vrijgevigheid in de hoedanigheid goedheid.

ダマ(自己抑制)については、特に世帯者にとって必要な項目である。妻帯していたとしても、不必要な性生活を行うべきではない。世帯者に関して性生活に関しても規制があり、子孫を増やす目的の性生活だけが認められている。もし子供を望まないなら、妻との性生活を行うべきではない。現代社会では、子供を産み育てる責任を避けるために避妊やその他言語道断の方法が用いられているが、それは超越的性質ではなく、悪魔的な性質である。世帯者であったとしても精神的向上を望むならば、性生活を抑制しクリシュナに仕える以外の目的で子供をもうけてはならない。将来クリシュナ意識になる子供を生めるのなら、何百人でも子供をもうけてもよいが、その自信がないのなら、単に性的満足のためだけの性生活に溺れてはならない。

Wat betreft dama (zelfbeheersing), dit is bedoeld voor alle orden van de religieuze samenleving, maar vooral voor een getrouwd persoon. Hoewel hij een vrouw heeft, moet een getrouwd persoon zijn zintuigen niet gebruiken voor onnodige seks. Voor een getrouwd persoon zijn er zelfs op het vlak van seksualiteit beperkingen; hij moet zich hier alleen mee bezighouden om kinderen te verwekken. Wie geen kinderen wil, moet geen seksueel contact hebben met zijn vrouw. In de moderne samenleving genieten mensen van seks met behulp van voorbehoedsmiddelen of nog afschuwelijkere methoden om te ontkomen aan de verantwoordelijkheid van het opvoeden van kinderen. Dit hoort niet bij de transcendentale kwaliteiten, maar bij de demonische. Wie vooruitgang wil maken in het spirituele leven moet, zelfs al is men getrouwd, zijn seksualiteit bedwingen en geen kind verwekken zonder daarmee Kṛṣṇa te willen dienen. Wanneer men in staat is om Kṛṣṇa-bewuste kinderen te verwekken, mag men honderden kinderen voortbrengen, maar wie hiertoe niet in staat is, moet niet toegeven aan zinnelijk genot.

供儀を行うためには、かなりの財力が必要なので供儀もまた世帯者が行うべき項目である。他の階級すなわちブラフマチャーリー、ヴァーナプラスタ、サンニャーシーに属する人々は全く金銭を持たず物乞いによって生計を立てている。したがい様々な供養は世帯者が行うものとなっている。世帯者はヴェーダ文典で命ぜられているアグニ・ホートラ供儀を行わなければならないのだが、現代にこうした供儀を行うためには莫大な費用が必要とされるので、実際のところ世帯者がそれを行うのは不可能である。この時代に勧められている最も適切な供儀はサンキールタン・ヤギャと呼ばれ、これは「ハレー・クリシュナ・ハレー・クリシュナ・クリシュナ・クリシュナ・ハレー・ハレー/ハレー・ラーマ・ハレー・ラーマ・ラーマ・ラーマ・ハレー・ハレー」を唱えることで、最高の供養であるとともに最も費用のかからない供養である。それゆえ誰もがその犠牲を行い、その恩恵に浴することができる。以上の3項目、すなわち布施、感覚抑制、供養の遂行は世帯者に課せられたものである。

Offers brengen is een ander onderdeel dat getrouwde personen moeten verrichten, omdat er voor offers grote hoeveelheden geld nodig zijn. Degenen in de andere levensorden, namelijk brahmacarya, vānaprastha en sannyāsa, hebben geen geld en onderhouden zich door te bedelen. Het brengen van verschillende typen offers is dus bedoeld voor getrouwdepersonen. Zij moeten agni-hotra-offers verrichten, zoals die in de Vedische literatuur worden voorgeschreven, maar zulke offers zijn in deze tijd heel duur en niet ieder getrouwd persoon is in staat ze te verrichten. Het beste offer dat voor dit tijdperk wordt aangeraden, is het saṅkīrtana-yajña. Dit saṅkīrtana-yajña, het chanten van Hare Kṛṣṇa, Hare Kṛṣṇa, Kṛṣṇa Kṛṣṇa, Hare Hare/ Hare Rāma, Hare Rāma, Rāma Rāma, Hare Hare, is het beste en het goedkoopste offer; iedereen kan het uitvoeren en er zijn voordeel mee doen. Dus vrijgevigheid, het beheersen van de zintuigen en het brengen van offers zijn bedoeld voor getrouwde personen.

スワディーヤすなわちヴェーダ学習はブラフマチャーリャすなわち学生期の人に課せられた義務である。ブラフマチャーリャは決して女性と交際してはならず、禁欲生活の中で、精神的知識を培うためにヴェーダ文典の学習に心を集中すべきである。これがスワディーヤである。

Dan is er svādhyāya, het bestuderen van de Veda’s, dat speciaal bedoeld is voor brahmacarya, het studentenleven. Brahmacārī’s mogen geen contact hebben met vrouwen; ze moeten een celibatair leven leiden en hun geest verdiepen in het bestuderen van de Vedische literatuur om kennis te cultiveren. Dit wordt svādhyāya genoemd.

タパスすなわち謹厳生活は隠遁生活に課せられている。人は一生を通じて世帯者でいるべきではなく、人間生活にはブラフマチャーリャ、グリハスタ、ヴァーナプラスタ、サンニャーシーの4区分があることを忘れてはならない。それゆえグリハスタすなわち世帯生活の後は隠遁しなければならないのである。もし百年の寿命があるとすれば、25年を学生生活として、次の25年を世帯者として、その後の25年を隠遁生活、最後の25年を放棄階級として過ごすべきである。これがヴェーダの命ずる宗教上の規則である。世帯生活を退いた人は、体と心と舌の謹厳生活を実行すべきであり、これがタパスヤである。ヴァルナーシュラマ・ダルマ社会全体は本来タパスヤのためにある。タパスヤを行わなければ解放を得ることは不可能である。謹厳生活を行う必要はなく、ただ思索を続ければ万事うまくいくという節はヴェーダ文典の中でも『バガヴァッド・ギーター』の中でも勧められていない。そのような説は見世物的な精神主義者が信者集めのために捏造したものである。様々な制度や規定原則があっては、一般の人々が関心を持たないため、宗教という名目で信者を集めようとする者たちは、一目を魅くことだけを行い、会員やそして自らの生活さえ厳しく制限することはない。しかしヴェーダではそのような方法は一切認められていないのである。

Tapas of ascese is in het bijzonder bedoeld voor het teruggetrokken leven. Men moet niet zijn hele leven getrouwd blijven, maar altijd bedenken dat er vier levensstadia zijn: brahmacarya, gṛhastha, vānaprastha en sannyāsa. Na een gṛhastha of getrouwd persoon te zijn geweest, moet men teruggetrokken gaan leven. Als men honderd jaar leeft, moet men vijfentwintig jaar doorbrengen als student, vijfentwintig jaar als getrouwd persoon, vijfentwintig jaar in de teruggetrokken levensorde en vijfentwintig jaar in de onthechte levensorde. Dat zijn de bepalingen van het Vedische religieuze leven. Wie zich heeft teruggetrokken uit het gezinsleven, moet ascese van lichaam, geest en tong beoefenen. Dat is tapasya. Het hele varṇāśrama-stelsel is bedoeld voor tapasya, ascese. Zonder dat kan geen enkel menselijk wezen bevrijding krijgen.

De theorie dat er in het leven geen behoefte is aan ascese, dat men maar door kan gaan met speculeren en dat alles zo goed zal komen, wordtnoch in de Vedische literatuur noch in de Bhagavad-gītā aangeraden. Zulketheorieën worden door pseudospiritualisten verzonnen, die meer volgelingen proberen te krijgen. Wanneer er beperkingen, regels en bepalingen zijn, zullen mensen zich niet aangetrokken voelen. Zij die volgelingen willen in de naam van religie alleen maar om een show op te voeren, leggen geen beperkingen op aan het leven van hun studenten en evenmin aan hun eigen levens. Maar die methode wordt niet goedgekeurd door de Veda’s.

簡潔さというブラーフマナ的な性質に関しては、特定の段階にいる人ばかりではなくブラフマチャーリー・アーシュラム、グリハスタ・アーシュラム、ヴァーナプラスタ・アーシュラム、サンニャース・アーシュラムなどいずれの人もこれを守るべきである。人は簡素で率直、正直でなければならない。

De brahmaanse kwaliteit van eenvoud is niet een principe dat alleen door een bepaalde levensorde gevolgd moet worden, maar een die voor alle levensorden geldt — de brahmacārī āśrama, de gṛhastha āśrama, de vānaprastha āśrama en de sannyāsa āśrama. Men moet heel eenvoudig en eerlijk zijn.

アヒンサーとは、いかなる生物であったとしても、その生命の進歩するプロセスを阻止してはならないということである。精神魂は肉体が滅んだ後も滅ばないので、感覚満足のために動物を殺しても差し支えないと考えるのは誤りである。現在、穀物、果物、牛乳の供給が十分にあり動物を殺す理由は全くないにも関わらず、人は好んで動物を食べている。このアヒンサーは誰もが守るべきものである。他に方法がない場合には、動物を止むを得ず殺すこともあるが、必ずその動物を供養する中で捧げなければならないことになっている。いずれにせよ、精神的進歩を望む人は他に食物があるときは決して動物に暴力を行使してはならない。真のアヒンサーとは生命の進歩のプロセスを阻止してはならないという意味である。動物たちも様々な生命形態の間を転生しながら進化の過程をたどっていて、動物が殺されれば、その進化が阻害されてしまうのである。動物が寿命の尽きないうちに時ならず殺されてしまえば、他の形態に進化するためには残り期間をまたその形態にもどって過ごさなければならない。ゆえに単に人間の味覚を満足させるために、動物の進歩を阻止してはならない。これがアヒンサーである。

Ahiṁsā betekent dat men de levensontwikkeling van welk levend wezen dan ook niet verhindert. Men moet niet denken dat omdat de spirituele vonk toch nooit gedood kan worden, zelfs niet na het doden van het lichaam, het geen kwaad kan dieren te doden voor zinsbevrediging. Mensen zijn tegenwoordig verslaafd aan het eten van dieren, hoewel ze voldoende granen, vruchten en melk hebben. Het doden van dieren is niet noodzakelijk. Dit voorschrift geldt voor iedereen. Als er geen andere mogelijkheid is, mag men een dier doden, maar het moet dan geofferd worden. In ieder geval moeten personen die ernaar verlangen vooruitgang te maken in spirituele bewustwording, dieren geen geweld aandoen wanneer de mensheid voldoende voedselvoorraad heeft.

Werkelijke ahiṁsā betekent dat men de levensontwikkeling van iemand anders niet hindert. Dieren maken ook een ontwikkeling door in hun evolutionaire leven door van de ene categorie van dierlijk leven naar de andere te verhuizen. Als een bepaald dier gedood wordt, dan hindert dat zijn ontwikkeling. Als een dier voor een bepaald aantal dagen of jaren in een bepaald lichaam verblijft en dan voortijdig gedood wordt, moet het opnieuw in die levensvorm terugkomen om de resterende dagen vol te maken en vervolgens te promoveren naar een andere levenssoort. Hun ontwikkeling mag dus niet gehinderd worden alleen maar om de eetlust te bevredigen. Dat is wat onder ahiṁsā wordt verstaan.

サテャムとは個人的利益のために真実を曲げてはならないということである。ヴェーダ文典には意味を理解するのが困難な個所もあるが、その真意や要旨は正統なグルから学ぶべきである。シュルティとは権威から聴聞するという意味であって、これがヴェーダを理解する方法である。現代、『バガヴァッド・ギーター』の原典を誤解釈した解説者が多数いるが、私たちは自分の利益のための解釈をしてはならない。私たちは言葉の真の意味を示すべきであり、そのためには正統なグルから学ぶことが必要とされる。

Satyam. Dit woord betekent dat men de waarheid niet in zijn eigen voordeel moet verdraaien. In de Vedische literatuur staan enkele moeilijke passages, maar de betekenis of de bedoeling daarvan moet van een bonafide spiritueel leraar worden geleerd. Dat is de methode waarmee we deVeda’s moeten begrijpen. Śruti betekent dat men van een autoriteit moet horen. Men moet geen eigen interpretaties maken voor eigen voordeel. Erbestaan zoveel commentaren op de Bhagavad-gītā die de oorspronkelijke tekst verkeerd interpreteren. Men moet de werkelijke betekenis van een bepaald woord geven en die betekenis moet van een bonafide spiritueel leraar worden geleerd.

アクローダは怒らないことである。私たちは挑発されても耐えるべきである。なぜなら、怒りは私たちの全身を汚すからである。怒りは激情の様式を欲望の産物なので、超越的な立場にある人は怒りを抑えなければならない。アパイシュナムとは他人の欠点を見つけ出そうとしたり、それを不必要に正そうとしないことである。勿論泥棒を泥棒と呼ぶことは誤りではないが、正直な人を泥棒と呼ぶことは精神的向上を願う人にとって大きな障害になる。フリーとは常に慎み深く、決して言語道断の行動をとらないことである。アチャーパラムとはひとたび決心をすれば心を乱さないことである。計画を立てそれ実行し始めると事態が思うように進展しないこともあるが、私たちはそれを遺憾に思ってはならず、忍耐と決意を持って前進し続けなければならない。

Akrodha betekent het bedwingen van woede. Zelfs al wordt deze woede uitgelokt, toch moet men verdraagzaam zijn, want wanneer iemandkwaad wordt, raakt zijn hele lichaam verontreinigd. Woede is het gevolg van de hoedanigheid hartstocht en lust; wie zich op het transcendentale niveau bevindt, moet deze woede dus bedwingen.

Apaiśunam betekent dat men niet naar de fouten in een ander moet zoeken of anderen niet onnodig moet corrigeren. Een dief een dief noemen is natuurlijk niet onnodig kritiseren, maar een eerlijk mens een dief noemen is zeer kwetsend en zal een belemmering vormen voor iemands vooruitgang in het spirituele leven.

Hrī betekent dat iemand heel bescheiden moet zijn en geen weerzinwekkende activiteit moet begaan.

Acāpalam, vastberadenheid, betekent dat men niet opgewonden ofgefrustreerd moet raken wanneer men faalt in zijn streven. Men moet daarniet om treuren, maar met geduld en vastberadenheid vooruitgang blijven maken.

ここで用いられているテージャスとはクシャトリヤの人々のための項目である。クシャトリヤは弱者を保護するために常に強健でなければならず、非暴力の姿勢をとってはならない。暴力が必要であればためらわず行使すべきである。しかし敵よりも優位な立場にある場合、ある状況のもとでは、微罪などは情状酌量して寛容の態度を示してもよい。

Het woord ‘tejas’ dat hier wordt gebruikt, is bedoeld voor de kṣatriya’s. De kṣatriya’s moeten altijd heel krachtig zijn om bescherming te kunnen bieden aan de zwakkeren. Ze moeten zichzelf niet als geweldloos voordoen. Wanneer geweld noodzakelijk is, moeten ze het gebruiken. Maar iemand die in staat is zijn vijand te bedwingen, kan onder bepaalde voorwaarden vergevensgezind zijn; hij kan kleinere overtredingen vergeven.

ショウチャムは清潔という意味であるが、これは単に心や体の清潔さのみではなく、取引上の清潔さも示していて、この項目は特に商業者に向けられたものである。商業者は決して闇取引で取引すべきではない。ナーティ・マーニターとは名誉を期待すべきではないという意味である。これは、ヴェーダ文典の中で4階級中最も下位とされているシュードラ(労働者)階級に対するものである。シュードラは名声や地位を不必要に求めずに、現在の立場に留まるべきである。なぜなら社会秩序を保つために高位階級に尊敬の念を持つのがシュードラの義務だからである。

Śaucam betekent ‘reinheid’, niet alleen van geest en lichaam, maar ook wat betreft gedrag in de omgang met anderen. Dit is in het bijzonder bedoeld voor handelslieden, die geen zaken horen te doen op de zwarte markt.

Nāti-mānitā betekent dat men geen eer moet verwachten. Dit heeft vooral betrekking op de śūdra’s, de arbeidersklasse, die volgens de Vedische voorschriften de laagste van de vier klassen zijn. Ze moeten in hun eigen positie blijven en niet verwaand zijn, want voor hen zijn prestige en eer onnodig. Het is de plicht van śūdra’s de hogere klassen respect te betuigen om de sociale orde in stand te houden.

以上述べてきた26の項目は超越的な性質である。社会的および職業的階級に応じて私たちはこれらの性質を培うべきである。物質的な状況は悲惨なものではあるが、全ての階級の人々がこれらの性質を修養すれば、しだいに超越的悟りの最高段階に達することができるようになる。これがこの節の要旨である。

Al deze zesentwintig kwaliteiten zijn transcendentale eigenschappen. Ze moeten worden gecultiveerd volgens de verschillende posities in de sociale orden en de orden van voorgeschreven bezigheden. De strekking is dat, ook al zijn materiële omstandigheden ellendig, wanneer deze eigenschappen door alle klassen van mensen door oefening ontwikkeld worden, het geleidelijk aan mogelijk zal worden om tot het hoogste niveau van transcendentale bewustwording te komen.